Berichten

Onze economie kan met alle nieuwe orders weer jaren vooruit
Nu ik het driedaagse werkbezoek van Willem-Alexander en Máxima aan Amerika op de voet heb gevolgd begrijp ik pas  goed dat Nederlandse bedrijven zullen worden bedolven onder orders die dankzij het koningspaar zullen binnenstromen. En die overnachting bij ‘daddy Trump’ op het Witte Huis legt onze economie ook geen windeieren.

Bij aankomst in Philadelphia verwelkomde gouverneur Shapiro de koninklijke economie-aanjagers. Onder het toeziend oog van het toegestroomde publiek (zie foto rechts) werden de gebruikelijke, zielloze toespraakjes uitgewisseld. Daarna volgde een bezoek aan de Liberty Bell, het symbool van de Amerikaanse Onafhankelijkheid. Kassa! En niet te vergeten bezocht het koninklijk paar ook nog een kunstacademie.

Bij het bezoek aan Fishtown, een wijk in ontwikkeling, viel op dat Amerikaanse en Nederlandse muurkunst en architectuur daar zo goed zichtbaar waren. Buurtbewoners – vooraf zorgvuldig geselecteerd – legden vol enthousiasme uit hoe dat kwam. Alweer een opsteker voor onze bedrijven. De Volkskrant schreef in een commentaar niet voor niets dat de koning-koopman ‘zich heeft ontpopt tot een krachtig wapen in de economische diplomatie.’

En ja hoor, daar stonden de ondernemers al in de rij. De RVD:

‘Tijdens een economische sessie presenteren ondernemers innovatieve producten in de sportsector en wordt aandacht besteed aan de deelname van Curaçao aan de World Cup 2026 in het stadion van de Eagles, het Lincoln Financial Field.’

Na Philadelphia was Miami in de staat Florida aan de beurt waar het stel  achtereenvolgens een basisschool bezocht, vele handen schudde, toespraakjes gaf en nog meer toespraakjes aanhoorde. Toen volgde een rondleiding door een museum voor Latijns-Amerikaanse kunst en voerden de koning en de koningin gesprekken met studenten uit het Caribische deel van het Koninkrijk. Een ander hoogtepunt was een gesprek over de handelsrelaties tussen Nederland en Florida dat onder meer ging over ‘het verkennen van samenwerkingskansen op het gebied van logistiek, werkgelegenheid en talentontwikkeling.’ Zonder meer een schot in de roos.

Maar de boog kan niet altijd gespannen staan. Tijd dus voor een potje domino, het spel dat de ‘buurtbewoners bij elkaar brengt in de wijk Little Havana’. De RVD: ‘De Koning en Koningin Máxima spelen een potje mee en spreken met de bewoners over het belang van deze plek voor de buurt, die veelal afkomstig is uit de Latino-gemeenschap.’

Florida en Nederland hebben beide wel eens last van overstromingen door hoog water. Wat kunnen we op dat gebied van elkaar leren? Sterker nog: wat kan Máxima ons leren want onderschat haar  expertise en kennis niet. Het koningspaar ging daarover in gesprek met wetenschappers van de universiteit van Miami. Ze bekeken er ook een machine die orkaanwinden kan nabootsten. In Nederland hebben we weliswaar geen orkanen maar wellicht zullen die ons in de toekomst gaan treffen en dan is het geruststellend te weten dat het koningspaar werkelijk alles van de verwoestende kracht van orkanen weet.

Ook dat is goed nieuws voor onze economie.

 

 

Trump als gastheer

De Volkskrantredactie kan het maar niet laten de monarchie te bejubelen.

Ze schreef:

‘Koning-koopman Willem-Alexander is er knap in geslaagd de handelsmissies tot de kern van zijn koningschap te maken. Alle meereizende ondernemers erkennen dat hij zich heeft ontpopt tot een krachtig wapen in de economische diplomatie. Als hij meegaat, staan ze in de rij voor een ticket, want hij opent deuren.’

Wie gelooft dat nu nog? De Volkskrant kennelijk. Terwijl al vele malen is aangetoond dat koninklijke handelsmissies voor onze economie niets te betekenen hebben. Geen enkel ministerie, noch de RVD noch het Koninklijk Verbond van Ondernemers heeft ooit cijfers gepubliceerd die de waarde van die bezoeken onderbouwen. Die zijn er gewoon niet.

Dat hij ‘deuren opent’ klopt deels, maar uitsluitend in monarchieën die dictatoriaal worden bestuurd zoals Saudi-Arabië. Het hier aangehaalde artikel was een reactie op het bericht dat het koningspaar in het Witte Huis gaat logeren tijdens hun werkbezoek aan de Verenigde Staten. Overigens vindt de krant die overnachting wél een slecht idee.

Maar over dat ‘werkbezoek’ aan de staten Pennsylvania en Florida ‘om daar de eeuwenoude economische betrekkingen kracht bij te zetten’ heeft de krant niets dan lof. Werkbezoeken staan een trapje lager dan officiële staatsbezoeken. Ze hebben gemeen dat ze beide meer kosten dan dat ze opbrengen. Het is namelijk een aaneenschakeling van clichés, handen schudden, geglimlach, jubelende toespraakjes, tochtjes, drankjes en veel protocollair gedoe. Ik breng het werkbezoek van Máxima in september 2022 nog eens in herinnering.

Ze vloog toen, vergezeld van enkele ministers, in het regeringsvliegtuig naar Californië en Texas voor een werkbezoek. De koning bleef thuis met een longontsteking. Máxima zou zich in beide staten inzetten voor onder meer vrouwenrechten en inclusie. Wat de ministers daar hebben uitgespookt blijft in het ongewisse omdat alle aandacht naar Máxima uitging; en dan vooral naar haar diverse outfits. Helaas haal je daarmee geen orders binnen.

De koningin hield toespraakjes en ze luisterde naar toespraakjes. Ze bezocht verschillende bedrijven en ze maakte een uitstapje naar de befaamde Golden Gate Bridge. Bij Google nam ze deel aan een gesprek over duurzame oplossingen en innovaties. Op de universiteit van Stanford sprak ze met wetenschappers en studenten.

Volgens de RVD bracht ze op de derde dag van haar reis een bezoek aan de gouverneur van Texas en de burgemeester van Austin, de hoofdstad van Texas. Daarna maakte ze een fietstochtje door de stad en ze bracht een bezoek aan een stadion. En dan was er nog een boottochtje zodat ze zich kon verdiepen in overstromingen en wateroverlast waarmee Houston kampt. Tot dat moment wist niemand dat Máxima daar verstand van had. Van gezondheidszorg trouwens ook. En high tech.

Met gouverneur Greg Abbott van Texas sprak Máxima over de streng aangescherpte abortuswetgeving. Abortus is voor vrouwen in Texas zo goed als onmogelijk gemaakt. Gouverneur Abbot was in zijn persbericht lovend over de ontmoeting met Máxima maar hij repte met geen woord over abortus. Wél onderstreepte hij dat hij Máxima twee paar Texaanse cowboylaarzen cadeau had gedaan. Máxima, op haar beurt, verblijdde de gouverneur met een ingelijst en gesigneerd portret van haarzelf en Willem-Alexander.

Er gebeurt heel wat tijdens werkbezoeken maar concrete resultaten blijven in nevelen gehuld. Wellicht was gouverneur Abbot zo geïmponeerd door Máxima’s relaas over abortus dat hij meer tijd nodig heeft om zijn reactie voor te bereiden. We wachten, vier jaar later, nog steeds.

En nu staan dan Pennsylvania en Florida op het programma. De berichtgeving zal ongetwijfeld weer jubelend zijn en de kleding van Máxima zal ongetwijfeld uitvoerig worden besproken. En wederom zullen de orders uitblijven.

 

Een schertsvertoning

De media pakten breed uit over de nieuwe carrière van koningin Máxima. Ze wordt reservist bij de landmacht. Ze is al  aan haar opleiding begonnen, heeft haar uniform en uitrusting afgehaald in Soesterberg  en ze krijgt, als ze over een paar weken haar ‘opleiding’ heeft afgerond, de titel van ‘luitenant-kolonel’. Een normaal iemand – maar dat is Máxima uitdrukkelijk niet – doet daar 15 tot 20 jaar over. Bange vraag: zou een vooraanstaand modehuis al opdracht hebben gekregen om een gracieus uniform voor deze ‘militair’ te ontwerpen. Kosten spelen, zoals we weten, geen rol.

De aanstelling van leden van het Koninklijk Huis in hoge militaire rangen zonder reguliere opleiding of loopbaan is puur toneel, een poppenkast. Strikt genomen hoort bij zulke benoemingen de toevoeging à la suite of in buitengewone dienst. Dan staat  ondubbelzinnig vast dat het niet gaat om een operationele of door verdienste verkregen rang. Maar deze aanduiding wordt weggelaten. Slordigheid? Nee; camouflage van erfelijk privilege. Een ceremoniële onderscheiding wordt vermomd als een professionele militaire status.

Bij de landmacht vergt het bereiken van de rang luitenant-kolonel normaal gesproken een langdurig traject. Officieren volgen een volledige opleiding, doorlopen vervolgens meerdere functierangen en bouwen door de jaren heen ervaring op in commandovoering en stafwerk. Dat duurt vijftien tot twintig jaar. De rang staat voor bewezen competentie, niet voor afkomst. Er bestaan, voor zover bekend, geen uitzonderingen voor militairen van Argentijnse afkomst.

Máxima zou dus op haar vroegst op haar  zeventigste verjaardag de rang van luitenant-kolonel kunnen behalen, maar omdat ze koningin is kan dat al na een korte introductietraining. Geen erkenning dus van militaire deskundigheid, maar gewoon een schertsvertoning . Het dient uitsluitend om bij parades, werkbezoeken en – niet te vergeten –  fotomomenten het beeld te scheppen van een ‘dienende’ Hoogheid die niet te beroerd is om een uniform aan te trekken om haar ‘solidariteit’ te tonen.

Zo voedt het koningshuis de mythe van dienstbaarheid: het idee dat de monarchie zichzelf belangeloos ten dienste stelt van staat en samenleving. In werkelijkheid gaat het om een georkestreerd imago, betaald met belastinggeld, waarin privileges worden gepresenteerd als plichten en symbolen worden verkocht als prestaties.

Kortom: Máxima’s publieksstunt is niet bedoeld om de krijgsmacht te versterken, maar om de monarchie te legitimeren en te promoten op grond van een oud, middeleeuws, erfelijk voorrecht. Het moet zuur zijn voor militairen die hun rang echt hebben verdiend om te zien dat je die ook gewoon cadeau kunt krijgen. Als je maar tot die ene familie behoort.

Een slaapfeestje bij de koning 

‘Daddy’ Trump werd door zijn collega Willem-Alexander – zo mag je de koning inmiddels wel noemen – hartelijk onthaald in paleis Huis ten Bosch voor een diner, een slaapfeestje en een ontbijt. Het gepamper van Trump werd door velen misselijkmakend gevonden. Anderen vonden dat we de semi-dictator en veroordeelde crimineel ten koste van alles te vriend moesten houden. De kwijlorganen van Navo-chef Rutte draaiden overuren en in de speech van de koning viel evenmin een onvertogen woord over de Amerikaanse olifant in de porseleinkast te beluisteren. Hij sprak ook lovende woorden over zijn overgrootmoeder Wilhelmina en haar rol bij de Haagse vredesconferenties.

Voor Trump, de zelfbenoemde dealmaker, was de Navo-top een feestje. Dat hij überhaupt was gekomen werd als een prestatie van de organisatie beschouwd. Er was ook diep nagedacht hoe ze hem het beste konden lijmen, want stel je voor dat hij de Navo de rug toekeerde. Dan hadden we in een mum van tijd de Russen over de vloer.

De grote dealmaker kreeg in veel opzichten zijn zin. Hij vond dat de Europese Navo-landen hun defensie-uitgaven (twee procent van het BBP) werkelijk moesten halen, maar vier of vijf procent zou daddy pas echt tevreden stellen. Zijn gedram draaide uit op toezeggingen om de militaire budgetten fors te verhogen. Die zullen tot ovaties in de directiekamers van Amerikaanse wapenfabrikanten hebben geleid; zij leveren naar schatting zo’n 60 à 65 procent van het NAVO-wapentuig. De producenten van F-35’s, Patriots, HIMARS, munitie, radarsystemen, drones, software en geavanceerde afweersystemen konden hun geluk niet op. Begrijpelijk: als de uitgaven van Europese Navo-landen stijgen tot Trumps droomhoogte (en het Amerikaanse marktaandeel gelijk blijft), zal de omzet jaarlijks met honderden miljarden toenemen.

Voor Trump is de Navo geen alliantie maar een businessmodel. Door te buigen voor de eisen van de president heeft het bondgenootschap zich nóg afhankelijker van de VS gemaakt dan ze al was. De koning/historicus herinnerde de aanwezigen tijdens zijn speech aan zijn overgrootmoeder Wilhelmina die paleis Huis ten Bosch beschikbaar had gesteld voor de eerste Haagse Vredesconferentie in 1899. Vertegenwoordigers van 26 landen kwamen daar bijeen ‘vervuld van het gevoel dat het voor altijd vrede zou zijn.’

Wilhelmina gruwde van de Haagse vredeconferenties (in 1907 was er nog een). Ze geloofde niet in vrede. Het zou betekenen dat op uitgaven voor defensie werd beknot en dat vond ze onacceptabel. Hoe meer wapens hoe mooier. Wilhelmina had het vast uitstekend met Trump kunnen vinden.

Toch hadden die conferenties wel degelijk nut. Het ‘Reglement betreffende de wetten en gebruiken van den oorlog te land’ (ofwel de LOR) dat voortvloeit uit de vredesconferenties is nog steeds volop in gebruik. Mede op grond daarvan zijn Duitse oorlogsmisdadigers veroordeeld. Wilhelmina kon er geen interesse voor opbrengen. Ze beschouwde de keuze van de internationale mogendheden voor Den Haag als conferentieplaats zelfs als een regelrechte schoffering. Nederland maakte zich met zijn gastheerschap belachelijk en zelf voelde ze zich als staatshoofd publiekelijk voor joker gezet.

Voor de openingszitting had ze (onder druk van het kabinet) Huis ten Bosch ter beschikking gesteld. Zelf wilde Majesteit niets met de conferentie te maken hebben wat ze onderstreepte door demonstratief met vakantie te gaan in het Zwarte Woud. Vakanties waren, net als tegenwoordig, hoogst populair bij de koninklijke familie.

Bij de Tweede Conferentie in 1907 was Wilhelmina nog steeds niet van mening veranderd. De uitnodiging om de eerste steen voor het Vredespaleis te leggen, wees ze af. Bij de opening was ze wel aanwezig, zij het tegen heug en meug. Ze beschrijft haar afkeer in Eenzaam maar niet alleen  uit 1959. Van enig voortschrijdend inzicht of relativering was een halve eeuw later geen sprake. Dat haar achterkleinzoon Trump ongegeneerd in de watten legde, had ze ongetwijfeld gewaardeerd. Méér wapentuig. Fantástisch!

Ongelooflijk! Ze deed het helemaal alleen; zonder paps en mams

 

In de benadering van het koningshuis is al ruim 125 jaar niets veranderd.

Bij de inhuldiging van Wilhelmina in 1898 kwijlde chroniqueur H. Brugmans ‘De jonge Koningin, symbool van jeugdige reinheid en vorstelijke majesteit, maakte op alle aanwezigen den indruk van een heerlijk sprookje, meer, van een edelen droom.’

Wilhelmina’s inhuldigingstoespraakje, waaruit bleek dat ze bitter weinig van de wereld om haar heen begreep, werd alom bejubeld. Ze sprak op ‘even krachtige als teedere wijze’ en biograaf Fasseur beaamde dat honderd jaar later nog maar eens: ‘kristalhelder’ en ‘zonder enige hapering’. Het is inderdaad een weergaloze prestatie. Hoe krijg ze het als achttienjarige voor mekaar zo’n lap tekst van 260 woorden voor te lezen waarop ze slechts enkele jaren had kunnen oefenen?

Prinses Amalia doopte op 22 februari 2025 in Vlissingen het marineschip ‘Den Helder’. Amalia is eenentwintig, dus drie jaar ouder dan haar over-overgrootmoeder bij haar inhuldiging, en ook zij sprak een tekstje uit: ‘Ik doop u, Den Helder, en ik wens u en uw bemanning een behouden vaart.’ Ze had haar spiebriefje niet eens nodig! Haar zinnetje kwam er helder, ongedwongen, krachtig en zonder haperen uit.

Een life stream hield ons al vanaf vier uur vóór het moment suprême op de hoogte van de plechtigheid die amper een minuut duurde. Kranten spraken opgewonden van een ‘solo-klus’ en benadrukten dat het Amalia’s eerste officiële optreden zonder pappa of mamma was en verdomd, het ging haar – helemaal alleen en nog maar net eenentwintig – moeiteloos af.

De NOS was lyrisch, maar dat is haar berichtgeving over het koningshuis altijd. RTL Boulevard bejubelde Amalia’s uitstraling en kledingkeuze. En geloof het of niet maar ondanks het sombere weer straalde Amalia in een oudroze broekpak van Max Mara.

Het AD meldde dat ze een jas van haar moeder droeg en tijdens de rondleiding grapjes had gemaakt maakte over de besturingsknoppen van het schip, wat haar ontspannen houding nog eens extra onderstreepte. ‘Hele leuke knopjes allemaal, waar ik vooral niet aan ga zitten’, sprak ze ongedwongen. Dan kon ze ook geen ‘schade’ aanrichten.  Uit die opmerking mogen we gerust de conclusie trekken dat onze aanstaande vorstin niet van humor gespeend is. De pers was met zo’n zestig journalisten, fotografen en cameramensen massaal uitgerukt om deze gebeurtenis van eminent historisch belang te verslaan.

Wat hield dat hele spektakel nu eigenlijk in? Niet meer dan het kapot gooien van een fles champagne tegen de boeg van een schip. Wie dat niet voor mekaar krijgt is het niet waard koningin te worden maar gelukkig klaarde Amalia die klus heel ontspannen en met humor en gratie. Wat zouden papa en mama trots zijn geweest als ze dit van nabij hadden kunnen zien. Hun dochter van eenentwintig; Heldin van Vlissingen, Triomf van de Erfelijkheid.

Amalia werd luidkeels geprezen om haar zelfstandigheid, terwijl werkelijk alles tot in de puntjes was voorbereid. De tekst geschreven, de poses geoefend, de glimlach ingestudeerd. Alles, behalve dan misschien dat grapje over de knopjes op de brug van het schip, al zou het me niet verbazen dat er tijdens de mediatraining wel eens werd gezegd: ‘Maak het persoonlijk! Lach eens spontaan!’

De ‘solo-klus’ was een toneelstukje, zoals de hele monarchie van toneel en sprookjes aan elkaar hangt. Amalia speelde een zorgvuldig geregisseerde voorstelling waarin ze niets hoeft te kunnen behalve netjes verschijnen, glimlachen en uiteraard niet stiekem een slok champagne nemen. En zelfs dat lukt alleen dankzij een compleet legioen van onzichtbare hulptroepen. Als de grootste prestatie van een 21-jarige is dat ze zonder ouders een fles kan kapot gooien, zegt dat meer over ons dan over haar. De toekomst van de monarchie is bij de Nederlandse media in veilige handen

Sekswerkers

Willem-Alexander noemde in de troonrede elf maal ‘migratie’. Er waren ‘acute zorgen’ over migratie, het ontbrak aan ‘grip op migratie’ en niet te vergeten moest de regering zijn gedachten laten gaan over ‘irriguliere migratieroutes’. Hij las zijn tekst voor alsof hij die zelf en niet Dick Schoof en Marjolein Faber had geschreven. En inderdaad, migratie gaat hem ter harte. Zijn eigen familie heeft immers een migrantenachtergrond waardoor de koning zelf nog nauwelijks een spat Nederlands bloed heeft. Gelukkig is dat wel blauw en dat is de reden dat hij het migratieprobleem mogelijk wel ziet maar er zelf geen last van heeft. Er kolken liters Duits bloed door zijn aderen, vermengd met een scheut Russisch. Zijn dochters hebben bovendien Zuid-Amerikaans van moeder Máxima.

Koning Willem III bezorgde ons maar liefst twee migranten: Emma van Waldeck-Pyrmont en Sophie van Württemberg. Willem II zorgde met Anna Paulowna voor een scheut Russisch bloed. Willem-Alexanders opa Bernhard, zijn overgrootvader Hendrik en zijn eigen vader Claus waren allemaal Duitse migranten. Maar leverde dat ‘acute zorgen’ op? Ons wel degelijk, maar de familie zelf niet. Integendeel. Huidige migranten zijn jaloers op nieuwkomers als Hendrik en Bernhard. Beiden arriveerden vrijwel berooid in Nederland, maar werden na aankomst (nee, niet in Ter Apel) meteen in de watten gelegd en bedolven onder privileges, overdreven aanhankelijkheid en bakken met geld.

Nou ja, Hendrik kreeg niets maar hij leende miljoenen die hij nooit terugbetaalde. Dat is ook een vorm van cadeau krijgen. Waar Hendrik wel garant voor stond was narigheid. Om Hendrikiaanse toestanden te voorkomen kreeg Bernhard bij de grens al honderdduizend gulden toegestopt. Dat hij dat zelf had bedisseld als gage voor zijn huwelijk had hij verzonnen, maar Bernhard loog wel vaker. Soms presteerde hij het zelfs een paar zinnen te uiten zonder te liegen. Migranten liegen nu soms ook over hun afkomst maar zo bont als Bernhard heeft het tot dusver nog geen migrant gemaakt.

Migranten die met een Oranje trouwen krijgen een ruime uitkering. Eigenlijk zijn het seksmigranten want ze moeten zorgen voor nageslacht; de allerhoogste prioriteit voor ieder vorstenhuis om zijn positie veilig te stellen. Het eerstgeboren kind wordt vanaf het achttiende levensjaar van staatswege financieel in de watten gelegd. Dat heet ‘uitkering’, dus net zoals statushouders een uitkering krijgen. Het eerste kind krijgt ook een onkostenvergoeding van 1,6 miljoen. Een beetje extra geld om de winter door te komen is altijd meegenomen. Vraag maar na in Ter Apel. Migrantendochter Amalia vond dat bedrag wel wat veel voor een studente die gratis in een grachtenpand woont. Het eerste jaar stortte ze haar vergoedinkje terug, maar toen nam wat haar nog restte aan Oranjebloed de regie weer over en gaat voortaan toch maar cashen om alvast te ‘sparen’ voor haar eigen secretariaat. De kosten daarvan zijn voor de Staat, maar je kunt als kroonprinses niet alles weten.

Máxima wil er als migrant vanzelfsprekend ook wel eens uit. Net zoals je ook wel eens weg wilt uit Ter Apel. Laat Prinsjesdag nou zo’n moment zijn, maar uitgerekend die dag moest ze opdraven om de troonrede aan te horen. Van haar gezicht viel af te lezen hoe intens ze begaan was met migranten. Maar zelf had ze ook een probleem. En hoe! Als Willem-Alexander niet opschoot zou ze te laat in Athene zijn om een herdenkingsconcert voor een overleden vriendin bij te wonen. Zeker als die verdomde balkonscène – die steevast volgt op de troonrede – zou uitlopen.

Het probleem werd opgelost al kostte dat een paar centen. Na wat minzaam gewuif vanaf het balkon werd de koningin/migrant met gillende sirenes en blauwe zwaailichten naar Schiphol gebracht waar een privéjet klaar stond. Kosten: 32.000 euro. Wel jammer dat dat afging van het totaalbedrag (€ 800.000) dat ze jaarlijks mag uitgeven aan vliegkosten. Maar iedere migrant heeft wel eens een probleempje.

Deze column verscheen eerder in De Republikein, nummer 4, december 2024 

Om geld hoeft Máxima zich niet te bekommeren. Haar echtgenoot is vermoedelijk miljardair en zelf bezit ze het een en ander aan vastgoed in Argentinië. Ze komt uit een familie waar geld nooit een probleem was. Is het dan niet vreemd dat ze (ere)voorzitter is van het platform ‘Wijzer in geldzaken’ dat minder bedeelden adviseert hoe ze met geld moeten omgaan?

Máxima is van huis uit econoom en zal vast wel enige kennis over geld in huis hebben. Maar het hoeft niet. De bekendste watermanagementdeskundige van dit land was plotseling ene Willem-Alexander die zich nog nooit met enige vorm van waterbeheer had beziggehouden. Al spoedig bekleedde hij als ‘expert’ talloze functies in de wondere wereld van het watermanagement. De Verenigde Naties benoemden hem tot voorzitter van een wateradviesorgaan.

Als erevoorzitter van ‘Wijzer in geldzaken’ legt Máxima aan arme jongvolwassenen uit dat je best een jaartje langer met je mobieltje kunt doen en dat je je niet moet laten verleiden door reclames die je de hele dag door om de oren vliegen. Haar advies: ‘Bedwing de Bling.’ Er is uiteraard niets tegen voorlichting maar het blijft komisch dat een steenrijke mevrouw uit het jetsetwereldje arme jongeren bespaaradviezen geeft.

Het platform geeft ook tips aan ouders wier kinderen het huis uitgaan om te studeren. Zoals Amalia nog niet zo lang geleden. Die ouders blijven de adviezen van Máxima evenmin bespaard. Zoals: ‘maak een begroting of budget’ en laat je kind een huishoudboekje bijhouden. In gedachten zie ik Amalia driftig schrappend in haar boekje, de wanhoop nabij hoe ze in godsnaam de maand moet doorkomen.

Het is ook zaak je verzekeringen te checken. Amalia zal toch wel gratis meeverzekerd zijn? Kinderen moeten met hun ouders overleggen over de hoogte van de ouderlijke studiebijdrage. Prima, al hebben Amalia en haar ouders die tip vermoedelijk in de wind geslagen. En dat Máxima een speciale rekening heeft geopend voor als de kinderen gaan studeren lijkt ook onwaarschijnlijk. Maar ze staat er wel vierkant achter.

En dan de  schenkbelasting. Ouders mogen hun kinderen geld schenken maar boven een bepaald bedrag is daarover belasting verschuldigd. Denk daar goed over na adviseert Máxima die vermoedelijk niet eens weet hoe ze het woord ‘belasting’ moet spellen.

Naast dit lokale gedoe is Máxima ook in de Derde Wereld actief. Ze is – ga er even voor zitten – ‘speciaal pleitbezorger van de secretaris-generaal van de Verenigde Naties voor inclusieve financiering voor ontwikkeling’. Ze ijvert voor goede toegang tot financiële diensten. Iedereen moet een bank- of spaarrekening hebben. Altijd handig als je geen geld hebt om over te maken of om te sparen. Ze pleit daarnaast voor microkredieten aan kleine bedrijven.

Al die minima kunnen rekenen op Máxima. Maar is het effectief? Volgens de RVD wel, maar er is ook kritiek. Een probleem is dat de allerarmsten ook hier uit de boot vallen. Dat kan trouwens evengoed een pluspunt zijn want de rentetarieven zijn vaak zo hoog dat ze tot hoge schuldenlasten leiden. En vrouwen voor wie een microkrediet echt een uitkomst zou kunnen zijn, worden vaak niet of in ieder geval te weinig bereikt.

Máxima heeft door haar status het zicht op verhoudingen verloren. Ik herinner me een foto waarop ze met een peperdure tasje, behangen met sieraden en voorzien van een opzichtige Rolex (waarde circa 20.000 euro) stralend de bouwval van een microfinancieringsgegadigde betreedt. Bedwing de Bling Máxima!

Ik vrees dat haar spindoctors niet altijd begrijpen dat sommige functies de lachlust opwekken: zoals een miljardairsvrouw die gratis woont en reist, kan declareren wat haar uitkomt en verder alle denkbare faciliteiten van de wereld geniet. Zo’n mevrouw laat je armen niet adviseren hoe ze met hun weinige geld moeten omgaan of hoe ze een microkrediet kunnen aanvragen.

Dit artikel verscheen eerder in De Republikein, nummer 1, maart 2024

Een Kamermeerderheid wil nu de koning inkomstenbelasting laten betalen. Het vergt veel tijd de noodzakelijk veranderingen in de Grondwet aan te passen. Er kunnen discussies uit voortvloeien die het koningshuis kunnen schaden. Wat als de koning wel wil betalen, maar toch hetzelfde bedrag per jaar wil overhouden als hij nu heeft. Zijn ‘uitkering’ zou dan grofweg moeten verdubbeld en dat valt niet te verdedigen.

De belastingvrijstelling is geregeld in artikel 40 van de Grondwet. Daar is ook de vrijstelling van erfbelasting opgenomen. De wet aanpassen is lastig want dat vereist twee derde meerderheid van stemmen in zowel de Eerste als de Tweede Kamer. Tot voor kort leek dat onhaalbaar maar sinds de laatste verkiezingen ligt dat anders.

Het kabinet liet in 2015 weten dat het belasten van de koninklijke ‘uitkeringen’ om twee redenen niet aan de orde was. Het unieke karakter van het ambt van koning zou er niet mee verenigbaar zijn. Waarom eigenlijk niet? De vorstenhuizen van het Verenigd Koninkrijk, België, Spanje en Zweden betalen wél belasting.

De tweede reden is dat ‘bruteren’ uitzonderlijk lastig zou zijn. Bruteren wil zeggen dat de huidige netto-uitkering moet worden omgerekend naar een brutobedrag. De uitkeringsgerechtigden, Willem-Alexander, Máxima, Amalia en Beatrix willen evenveel overhouden als ze nu krijgen. De website van het Koninklijk Huis, onderhouden door de RVD, legt uit hoe de vork in de vermeend complexe steel zit:

‘Als zou worden overgegaan tot belastingheffing zou dat betekenen dat de uitkeringen en verstrekkingen in natura (zoals bijvoorbeeld de terbeschikkingstelling van paleizen) niet langer netto worden verstrekt, maar bruto. Ook zullen er andere verstrekkingen zijn waarover dan belasting is verschuldigd, zoals het privégebruik van auto’s.

Dit zou een nadere analyse vergen van de belastbaarheid van deze posten en de mate waarin sprake is van aftrekbare kosten. Er zullen namelijk niet alleen te belasten inkomsten zijn maar ook aftrekbare kosten. Op grond van de fiscale regelgeving zijn niet alle kosten aftrekbaar. De fiscale regelgeving kent een eigen begrippenkader waarin bijvoorbeeld kosten van kleding en persoonlijke verzorging en de kosten van het voeren van een zekere staat (bijvoorbeeld het in dienst hebben van huispersoneel) niet aftrekbaar zijn. Dit zijn echter uitgaven die als functioneel voor de Koninklijke waardigheid worden beschouwd.

Bovenstaande maakt duidelijk dat het bruteren van de grondwettelijke uitkeringen zeer ingewikkeld is om uit te voeren.’

Je zou denken dat de Belastingdienst voor hetere vuren heeft gestaan. Maar volgens de RVD is het gewoon té ingewikkeld om er zelfs maar aan te beginnen. Overigens is bovenstaande tekst nu van de website verwijderd, want het maakte al te zeer duidelijk wat het standpunt van de koning was.

Vermoedelijk was de grootste angst van Rutte en de RVD dat ‘bruteren’ uit zou draaien op ruwweg een verdubbeling van de huidige uitkering. Willem-Alexander zou dan als ‘uitkering’ in plaats van ruim een miljoen netto ongeveer twee miljoen bruto moeten krijgen, Máxima ruim acht ton, Amalia ruim zes en Beatrix zou bruto meer dan een miljoen euro moeten ontvangen. Het is nu al moeilijk de hoogte van de koninklijke ‘uitkeringen’ te verdedigen. Een verdubbeling zou de reputatie van de Oranjes, die toch al als ‘inhalig’ bekend staan, schaden. De RVD heeft dat haarfijn aangevoeld. Rutte vroeg zich tijdens een Kamerdebat al eens af wat je ermee opschoot om de uitkeringen te bruteren: ‘wat win je daar precies mee?’ Dus: gewoon niet aan beginnen, het geeft alleen maar heisa.

Die moeilijkheidsgraad bij het taxeren geldt in Nederland uitsluitend voor de koning en zijn naasten. Dat is opmerkelijk want bij alle miljoenen belastingplichtigen heeft de Belastingdienst dat probleem opgelost. Zelf iets betalen voor ‘kleding en persoonlijke verzorging’ vindt het koningshuis te ver gaan. Voor Máxima zou het op het eerste gezicht inderdaad een ramp zijn, want ze draagt bij vrijwel ieder optreden een ander outfit. Die verkleedpartijen zouden nodig zijn voor de uitoefening van haar koninklijke functie; de toverspreuk waarmee de Oranjes al hun kosten afwentelen op de samenleving. Het uitoefenen van de koninklijke functie is trouwens ook in de Grondwet geregeld. Máxima kan opgelucht ademhalen.

Het geklaag van de RVD dat het ‘in dienst hebben van huispersoneel’ niet aftrekbaar zou zijn, was eveneens onzin. Het is geregeld in artikel 41 van de Grondwet: ‘De Koning richt, met inachtneming van het openbaar belang, zijn Huis in.’ Hoewel: van een regeling is nauwelijks sprake. De koning kan heel ver gaan dankzij de volstrekte wazigheid van het artikel. Artikel 41 komt erop neer dat hij zelf mag beslissen over het personeel van zijn hofhouding en hoe hij die inricht. Zelf kost de hofhouding hem geen cent, die kosten zijn voor de staat. Wel moet hij rekening houden met het ‘openbaar belang’, maar die bepaling is eveneens zo diffuus dat het geen struikelblok zal zijn.

Het is de vraag of deze discussie de positie van de monarchie niet verder zal ondermijnen. Ik hoop het maar als republikein.

Dit artikel verscheen ook in NRC van 31-01-2024

Een prijs vernoemd naar een koning die zijn land in financiële chaos achterliet is ongepast.

Het Cultuurfonds kreeg een nieuwe naam na ophef over het nazilidmaatschap van prins Bernhard. Hoog tijd om ook de Koning Willem I Prijs te herdopen.

Koningin Máxima reikt komend voorjaar samen met DNB-president Klaas Knot weer de prijs uit voor verdienstelijk ondernemerschap: de Koning Willem I Prijs. In navolging van de naamswijziging van het Prins Bernhard Cultuurfonds moet ook deze prijs een andere naam krijgen. Koning Willem I verbinden met duurzaam ondernemerschap is namelijk een gotspe.

In principe reikt de Koning Willem I Stichting elke twee jaar de prijs uit aan een grote Nederlandse onderneming in de categorie Grootbedrijf (meer dan 250 werknemers) en MKB (minder dan 250 werknemers). De website van de stichting rept van de ‘Oscars van het Nederlandse bedrijfsleven’. Daar blijft het niet bij: ‘De Koning Willem I Prijs is de meest prestigieuze bekroning voor moedig, veerkrachtig en duurzaam ondernemerschap.’

De prijs bestaat sinds 1958 en is ingesteld door De Nederlandsche Bank en aan het bedrijfsleven verbonden organisaties. De prijs heeft ‘koning-koopman’ Willem I (1772-1843) als naamgever, die koning was van 1815 tot 1840. Evengoed liet Willem zijn koninkrijk achter in een gigantische economische en financiële chaos.

In de tijd dat de prijs werd ingesteld was het koningshuis nog min of meer heilig. Maar sinds 1958 zijn er heel wat studies over het reilen en zeilen van Nederland onder Willem I verschenen. Daaruit ontstaat het beeld dat de koning er een knoeiboel van maakte, al staat daar een aantal verdienstelijke projecten tegenover. Willem I deed er bijvoorbeeld goed aan te investeren in kanalen, mijnen, wegen, textielnijverheid en stoomvaartmaatschappijen. Maar zijn durf om te vernieuwen ‘ging samen met overdreven verwachtingen op grond van kleine successen en een zucht tot speculatie,’ aldus biograaf Jeroen Koch.

Koning Willem I heeft het land met de beste bedoelingen uit een economische crisis proberen te halen. Dat verhinderde niet dat hij Nederland uiteindelijk in een totale chaos achterliet. Na zijn abdicatie in 1840 ‘vluchtte’ hij naar Berlijn, waar hij in 1843 zou overlijden.

De koning was een harde werker; dag en nacht in de weer voor Nederland én zijn eigen fortuin. Onderscheid tussen beide maakte hij niet of nauwelijks. Hoe groot zijn aandeel in het opvijzelen van de economie is geweest valt daarom moeilijk aan te wijzen. Ondanks een grondwet had hij vrijwel absolute macht. Willem I profiteerde niet in de laatste plaats zelf van de toenemende economische bedrijvigheid.

Maar zijn investeringsdrift bracht Nederland op de rand van de financiële afgrond; ons land dreigde zelfs bankroet te gaan. De staatsboekhouding manipuleerde hij naar eigen believen. De Kamer kon aan zijn financieel-economisch beleid geen touw vastknopen. De vraag is of hij zélf nog enig zicht had op de financiële warboel die hij had gecreëerd.

Zijn autoritaire stijl van regeren had ook tot gevolg dat de Zuidelijke Nederlanden zich van de Noordelijke Nederlanden afsplitsten, waardoor het koninkrijk in tweeën werd gesplitst. Willem wilde de afscheiding ongedaan maken en hield negen jaar lang een groot leger op de been, waaraan een buitenproportioneel deel van de rijksuitgaven opging.

Voor de oorspronkelijke bewoners van Nederlands-Indië was Willems koningschap een ramp. De door hem opgerichte Nederlandsche Handel-Maatschappij (NHM), waarvan hij zelf grootaandeelhouder was, zoog de kolonie leeg. Opium, waarop de NHM het verkoopmonopolie had, hield het geknechte Indische volk rustig en wendde opstanden af.

Willem I voerde het ‘Cultuurstelsel’ in dat de Indische bevolking in economische misère dompelde. Mensen werden gedwongen koffie, thee, suiker en andere gewassen te telen, producten die hem (en de NHM) het meeste geld opleverden. Dat ging ten koste van de productie van voedsel voor de lokale bevolking, zoals rijst.

Een Koning Willem I Prijs is niet meer van deze tijd en dient, net als het Prins Bernhard Cultuurfonds, van naam te veranderen. Het is absurd een ondernemersprijs (een ‘Oscar’) naar een koning te noemen, die zijn land financieel tot de rand van de afgrond bracht.

Dit artikel verscheen eerder in het Financieel Dagblad van 10-11-2023

 

 

Persbericht.

 

Bernhard ontliep zijn straf in het Lockheed schandaal en gooide in een dronken bui Juliana in het zwembad.  Uit peilingen blijkt dat de populariteit van het koningshuis steeds meer afneemt. Gerard Aalders onderzoekt aan de hand van rationele argumenten of de monarchie nog toekomst heeft. Monarchisten zien het koningshuis als de verbindende factor die Nederland bijeen houdt en wij, burgers, zouden ons kunnen spiegelen aan hun normen en waarden. Aan de hand van voorbeelden concludeert Aalders dat voor die aannames geen basis is. De geschiedenis van de Oranjes was door de eeuwen heen een aaneenschakeling van schandalen. Aan wetten en normen hielden (en houden) ze zich niet.

Aalders beperkt zich niet tot de Oranjes maar analyseert ook buitenlandse koningshuizen en concludeert dat ook daar wangedrag, corruptie en zelfverrijking zeker niet ongewoon zijn.    

Als het koningshuis het verbindend element in de samenleving zou zijn hoe verklaar je dan dat koning Willem I er binnen 15 jaar in slaagde de helft van zijn koninkrijk (het huidige België) te verliezen? Tegelijkertijd voerde hij Nederland naar de rand van de financiële afgrond. Maar de Oranjes die Willem I opvolgden blonken evenmin uit als ‘Verbinders’ of als hoeders van normen en waarden.

Juliana kon ministers zulke rare verzoeken doen dat je je kunt afvragen of ze wel als koningin kon functioneren. Ze wilde bijvoorbeeld met wichelroedes naar olie laten zoeken. Juliana dreigde herhaaldelijk welbewust met aftreden om haar eigen zin door te drijven. Haar voorgangers (en opvolgers Beatrix en Willem-Alexander) deden dat trouwens ook  in de wetenschap dat een ‘koningscrisis’ een probaat middel is om de ministers in een houdgreep te nemen. Wetten worden bijgebogen om de Oranjes een plezier te doen en als dat niet toereikend is worden constructies verzonnen om het de koning naar de zin te maken. Om die reden zat de Nederlands-Argentijns piloot Julius Poch acht jaar lang onschuldig vast in een Argentijnse gevangenis.

En in hoeverre zijn de staatsbezoeken nuttig? Ze kosten handenvol geld. Voor de stelling dat ze onze handel jaarlijks miljarden euro’s opleveren is geen snipper bewijs. Het nut van hun vele werkbezoeken is al even discutabel. Ze dienen om de koning te informeren wat er in de maatschappij leeft, maar hij laat herhaaldelijk zien dat hij geen benul heeft hoe de samenleving functioneert. In de coronatijd werd dat pijnlijk duidelijk.

Uit peilingen blijkt dat de laatste jaren de populariteit van ons koningshuis gestaag afneemt. De populairste Oranjes waren import en hadden geen spatje Oranjebloed. De flamboyante Máxima scoort in de peilingen aanzienlijk hoger dan haar houterige echtgenoot Willem-Alexander.

Máxima kan de ontbinding wellicht vertragen maar niet stoppen.

De bezwaren tegen de monarchie treden steeds duidelijker aan het licht. Een peperdure poppenkast waarvan de kosten over zoveel mogelijk ministeries worden verdeeld om ze minder opvallend te maken. Het belang van het Oranjehuis staat steevast voorop en de leden voelen zich verheven boven de wet. Maar het grootste bezwaar is echter dat erfopvolging strijdig is met de beginselen van de democratie. Het hart van ons staatsbestel is een blinde vlek. We mogen niet weten hoe de koning functioneert en hij draagt geen verantwoordelijkheid voor wat hij doet. Als de koning een crisis veroorzaakt  moet de minister-president de verantwoording nemen.

De Nederlandse monarchie heeft veel overeenkomsten met andere Europese koninkrijken. Zo liet koningin Elisabeth in meer dan 1000 wetten ingrijpen om er zelf beter van te worden. Tegen koning Charles loopt een corruptieonderzoek. De Spaanse koning Juan Carlos liet zich met tientallen miljoen euro’s omkopen en lapte alle normen en waarden aan zijn laars. De woede onder het Spaanse volk was zo groot dat hij besloot naar Abu Dhabi te emigreren. Tegen hem loopt ook een corruptieonderzoek.

Gerard Aalders is historicus en schrijver. Gedurende zeventien jaar was hij onderzoeker bij het Nederlands Instituut voor Oorlogsdocumentatie (NIOD) en publiceerde onder meer over de nazi-roof in Nederland. Hij schreef diverse boeken over de Bilderbergconferenties, economische oorlogvoering, inlichtingendiensten, kartels en majesteitsschennis. Zijn boeken Wilhelmina, fictie en werkelijkheid, Bernhard, alles was anders en Oranje Zwartboek (nu in de 12e druk!) werden bestsellers.

Technische gegevens De toekomst van Oranje:

Formaat:             15 x 23 cm, paperback

Omvang:             ca. 300 pagina’s

ISBN:                    97890 8975 0914

Prijs:                     € 24,99

Voor meer informatie of een recensie-exemplaar:

Odette Lafère

Odette.Lafere@medialaferes.nl

Tel +31(0)575563628 / Tmob +31(0)651273679

 

Boeken